De DNS-records van je domeinnaam bepalen waar bezoekers, mail en andere diensten naartoe worden gestuurd. Bij Domein-Direct beheer je deze records zelf via ISPConfig — het hostingpaneel waar je toegang toe krijgt bij elk hostingpakket. In dit artikel lees je hoe je in ISPConfig komt, welke records je kunt aanmaken en waar je op moet letten.
Wanneer is dit artikel voor jou?
Heb je een hostingpakket bij Domein-Direct? Dan beheer je de DNS via ISPConfig (dit artikel). Heb je alleen een domeinnaam zonder hosting? Lees dan eerst de sectie 'Alleen een domeinnaam, geen hosting' verderop.
In ISPConfig komen
Volg deze stappen om in het DNS-beheer van je hostingpakket te komen:
- Log in op domein-direct.nl met je accountgegevens.
- Klik in je account op 'Hosting' → 'Mijn hosting & services'.
- Klik op de knop 'Actief' achter het betreffende hostingpakket.
- Je komt op de pagina 'Beheer product'. Hier staan alle gegevens van je pakket.
- Klik op de knop 'Hosting control panel openen'.
- Klik op 'Login' (je hoeft geen gegevens in te vullen — dit gaat automatisch).
- Klik op 'Ga naar websites'.
- Klik in het menu op 'DNS'. Je kunt nu records bekijken, toevoegen en wijzigen.
Alleen een domeinnaam, geen hosting
Als je alleen een domeinnaam bij Domein-Direct hebt zonder hostingpakket, dan staat er bij het A-record al een standaard IP-adres ingevuld. Dat IP wijst naar onze server, waar bezoekers de Domein-Direct reserveringspagina te zien krijgen.
Wil je je domeinnaam koppelen aan externe webhosting? Pas dan dat IP-adres aan naar het IP van je externe hostingprovider. Dat IP-adres kun je opvragen bij die provider.
Welke records kun je aanmaken?
In je DNS-beheer kun je de volgende soorten records instellen. Welk type je nodig hebt, hangt af van wat je wilt bereiken — een website koppelen, mail laten afleveren of een dienst registreren.
De meest gebruikte records
- A-record — koppelt een IPv4-adres aan een (sub)domein. Dit is het meest voorkomende record en wijst je domein naar een server.
- AAAA-record — koppelt een IPv6-adres aan een (sub)domein. Een AAAA-record krijgt voorrang op een A-record als beide bestaan.
- CNAME-record — koppelt een (sub)domein aan een ander (sub)domein. Handig om bijvoorbeeld www naar je hoofddomein te laten verwijzen.
- MX-record — bepaalt welke mailserver de e-mail van je domein afhandelt.
- TXT-record — bevat leesbare tekst. Wordt gebruikt voor SPF, DKIM, DMARC en domeinverificatie.
Aanvullende records
- NS-record — stelt een aparte nameserver in voor een (sub)domein.
- SPF-record — Sender Policy Framework, in TXT-vorm. Tegenwoordig vrijwel altijd via een TXT-record opgegeven.
- SRV-record — specificeert de locatie van een dienst, zoals VoIP of chat. Voorbeeld voor SIP: naam
Naam: _sipinternaltls._tcp
Type: SRV
Waarde: 0 5 5060 domein.voorbeeld.nl.
- DNSSEC — beveiligt domeinen met eigen nameservers tegen manipulatie van DNS-antwoorden.
Hoe is een record opgebouwd?
Elk DNS-record bestaat uit drie waarden:
- Hostnaam — voor welk subdomein het record geldt. Bijvoorbeeld 'www' voor www.jouwdomein.nl. Laat je dit veld leeg, dan geldt het record voor het hoofddomein zelf.
- Type — welk soort record je aanmaakt (A, AAAA, CNAME, MX, etc.).
- Waarde — de inhoud van het record. Wat je hier invult hangt af van het type — een IP-adres bij een A-record, een domeinnaam bij een CNAME, enzovoort.
Drie dingen om op te letten
1. De trailing dot (afsluitende punt)
Als je geen punt achter een (sub)domein zet bij 'Naam' of 'Waarde', dan wordt jouw eigen domeinnaam er automatisch achter geplakt. Een voorbeeld:
- Maak je een CNAME aan voor jouwdomein.nl en je vult 'www' in als naam, dan wordt dat automatisch 'www.jouwdomein.nl'.
- Wil je verwijzen naar een extern domein? Eindig dan altijd met een punt, zoals 'www.externdomein.nl.' — anders wordt jouwdomein.nl er weer achter geplakt en klopt het record niet meer.
2. IPv6 krijgt voorrang
Als je tegelijk een A-record en een AAAA-record hebt ingesteld, dan krijgt het AAAA-record voorrang voor bezoekers met IPv6. Houd hier rekening mee als je beide records gebruikt — bezoekers met IPv6 zien dan iets anders dan bezoekers met IPv4.
3. Wijzigingen kunnen 24 uur duren
Wanneer je DNS wijzigt, kan het tot 24 uur duren voor alle providers de nieuwe gegevens ophalen. Dat komt door nameserver caching: providers slaan DNS-informatie tijdelijk op om het netwerk minder te belasten. Plan grote wijzigingen daarom buiten kantooruren of in het weekend.
Uitgebreide configuraties
Voor specifieke configuraties — denk aan SPF, DKIM, DMARC of koppelingen met Google Workspace, Microsoft 365 of iCloud+ — hebben we aparte artikelen in de kennisbank. Kom je er niet uit? Maak een helpticket aan via je account, of bel ons op 073 850 52 42 (ma–vr 10:00–12:00 uur).
Wil je je domeinnaam doorsturen naar een specifieke URL (bijvoorbeeld https://www.persoonlijkdomein.nl)? Daarvoor heb je geen DNS-aanpassing nodig — gebruik in plaats daarvan ons doorstuurpakket.